Gemeente Delft: waarom het Delftse model werkt

Delft is een gemeente met ambities. Wanneer zich in het traject van beleid naar uitvoering belemmeringen voordoen, wil men die vooral benaderen als uitdagingen, als potentiële nieuwe kansen. Maar hoe ga je die uitdagingen integraal aan, los van de begrenzingen van de afzonderlijke vakdisciplines?

Meer integraliteit

Ik kreeg het verzoek om de gemeente als adviseur te helpen bij het anders inrichten van de organisatie. Een eerste analyse van het gemeentelijk managementteam wees uit dat vooral de manier van sturen aandacht verdiende. Er werd veel ‘verkokerd’ gedacht en gewerkt vanuit vakgebieden, terwijl een meer integrale benadering vanuit vraagstukken − processturing − veel meer kans op succes zou bieden. Vanuit dit gegeven kwamen we tot een model met als ruggengraat voor de sturing het samenspel tussen strategische beleidsvorming (waarom), programmering (wat) en uitvoering (hoe). In dit model krijgt de gemeente een veel meer regisserende rol.

Het model in het kort

Het ‘Delftse model’ gaat uit van clusters die gericht zijn op één van de burgerrollen: klant, partner, onderdaan, kiezer en wijkbewoner. Elk cluster bestaat uit een aantal uitvoerende afdelingen die hun opdrachten krijgen van en creëren met een paar programmeurs. Daarnaast is er een Strategische Beleidskern (SBK), waarin de strategisch adviseurs samenwerken aan gemeentebrede thema’s. De portefeuilles van de gemeentedirecteuren zijn ‘ontkokerd’ en de managementtaak is helder verdeeld over strategisch adviseurs (strategie), programmeurs (opdrachten) en afdelingsmanagers (hrm). Bijzonder aan het model is verder dat er een sterk accent ligt op uitvoering en realisatie.

Fundamentele en scherpe keuzes

Voor de implementatie van dit model heeft de gemeente Delft fundamentele en scherpe keuzes durven maken. Het model werd ingevoerd in 2011 en heeft zich bewezen als middel om meer focus te krijgen op de behoeften van burgers én het realiseren van bestuurlijke ambities. Er is nu meer dan ooit helderheid over de strategische koers en keuzes kunnen beter worden onderbouwd, ook als het gaat om bezuinigingen. De heldere rolverdeling leidt tot meer efficiency en het feit dat er meer (en eerder) aandacht is voor de uitvoering zorgt voor een vergroting van de haalbaarheid.

“Door toepassing van de ‘ruggengraat’ zijn sturing en controle sterk verbeterd, niet in de laatste plaats doordat de nieuw ontstane functies geen ‘schapen met vijf poten’ meer vereisten, maar waren toegesneden op reële combinaties van competenties. Reden genoeg om hier bij de komende reorganisatie aan vast te houden.”
Rob Kleijwegt, directeur ruimte en economie gemeente Delft

Toekomstbestendig

Nu Delft voor een volgende bezuinigingsronde staat, kiest de gemeente ervoor ook in deze nieuwe situatie vast te houden aan het Delftse model. Er zijn nieuwe keuzes gemaakt, maar dat kan binnen de contouren die we destijds samen hebben geschetst. De pilaren staan nog recht overeind en iedereen gelooft er nog in. Daarmee is aangetoond dat we niet alleen een werkend maar ook een toekomstbestendig model hebben neergezet.

Jeroen van Kerkhoff

Jeroen van Kerkhoff

Adviseur bij Collegamento

Jeroen van Kerkhoff is een adviseur die geniet van complexe puzzels en van het spel. Zijn motto is “pessimisten hebben gelijk, optimisten succes”.


Meer nieuws

Bouwen in Zuid-Holland

Geslaagde inspiratiesessie ‘matchen en mixen’

Verzorgd Wonen Nieuwegein