Organiseren werkt het best vanuit de inhoud

De veranderopdracht van de Toegang in Delft

De Toegang in de gemeente Delft, die invulling geeft aan de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor het sociaal domein, moet nu een definitieve organisatievorm krijgen. In deze vervolgblog zal ik uiteenzetten hoe Edith van den Berg, manager van de Toegang, en ik deze opdracht hebben aangepakt en wat onze aanpak heeft opgeleverd.

 

Een concreet plan van aanpak

Het eerste wat ons te doen stond, was het maken van de vertaalslag van de visie op het sociaal domein naar een concreet plan van aanpak. Welke stappen gaan we de komende jaren zetten? Welke resultaten willen we bereiken? Wie gaan we daarbij betrekken?  De antwoorden op deze vragen moesten uitmonden in een concreet document dat we op diverse podia konden presenteren: bij medewerkers, beslissers, burgers, cliëntorganisaties, partnerorganisaties, kortom iedereen die een belang heeft bij de Toegang. Dat document hebben we in enkele weken gerealiseerd. Alle betrokkenen kregen zo een helder beeld van wat de bedoeling was. We kregen van iedereen akkoord en konden aan de slag.

 

Drie fasen

Ons plan van aanpak bestaat uit drie fasen:

  1. Het formuleren van inhoudelijke criteria.
  2. Het vanuit de inhoudelijke criteria vaststellen van passende organisatieprincipes.
  3. Het opstellen van een businesscase.

 

Fase 1: wat vinden we inhoudelijk belangrijk?

Bij de eerste fase hebben we veel partijen betrokken: partners in het sociaal domein, de Adviesraad Sociaal Domein, en natuurlijk ook  gemeentelijke collega’s. Samen zijn we gekomen tot een aantal criteria voor de toekomstige organisatie. Zoals ruimte voor de professionals, integraliteit, centrale toegang en innovatief partnerschap. Deze criteria hebben we vervolgens ook samen ingekleurd: wat verstaan we er nu precies onder? Zo kwamen we tot breed gedragen criteria voor de invulling van de Toegang. Waar vervolgens een akkoord op is gekregen in de bestuurlijke stuurgroep (wethouders sociaal domein). Met als voordeel dat we daar nu op kunnen terugvallen en discussies kunnen voorkomen. Het realiseren van die brede inhoudelijke consensus heeft wat meer tijd gevergd dan gepland, maar het is zeer waardevol geweest. Iedereen ervaart de eerste fase als een belangrijke bouwsteen in het proces.

 

Fase 2: hoe vertalen we de inhoud naar organisatieprincipes?

Na de eerste fase was het tijd om op basis van de inhoudelijke criteria te komen tot organisatieprincipes. Die link hebben we steeds heel bewust gelegd, want het is een voorwaarde om te komen tot een organisatie die is opgebouwd vanuit visie en inhoud. Om te beginnen hebben we een vergelijkend onderzoek gedaan bij gemeenten die in aard en omvang redelijk lijken op Delft. Hoe hebben zij de toegang tot het sociaal domein georganiseerd? Welke afwegingen hebben ze gemaakt? Welke organisatievormen zijn er? Bij welk bestaand model passen onze principes het best? En wat moeten we veranderen om het helemaal passend te maken? Je kunt bijvoorbeeld als gemeente alles zelf doen. Je kunt ook kiezen voor een Gemeenschappelijke Regeling met andere gemeenten, een aanbesteding waarin de gemeente opdrachtgever is, of een zelfstandige rechtsvorm zoals een B.V., stichting of coöperatie. De voornaamste vraag is hoe je als gemeente aan de ene kant stuurt op het wat en niet op het hoe, de uitvoering ruimte biedt,  terwijl je er wel altijd politiek verantwoordelijk voor blijft als er iets gebeurt.

 

De uiteindelijke keuze

Ons onderzoek resulteerde in een aantal organisatieprincipes. Deze principes hebben we voorgelegd aan beleidsbepalers: gemeentelijk managementteam, onze raad van advies, strateeg en beleidsmedewerkers. Zij hebben in drie sessies keuzes gemaakt en daarbij aangegeven of de gemeente alleen mag gaan over ‘wat’ of ook over ‘hoe’. De meesten vonden dat de gemeente zich vooral moet beperken tot ‘wat’. Deze sessies gaven ook duidelijkheid over waar partijen/mensen staan en boden ruimte om hun visie daarop te geven. Uiteindelijk viel de keuze op het BV-model met  de gemeente als 100% aandeelhouder,  een Raad van Commissarissen en betrokkenheid van partners. Deze keuze brengt een aantal duidelijke voordelen met zich mee, zoals:

  • De gemeente heeft voldoende invloed maar blijft toch op afstand.
  • Alle medewerkers hebben de duidelijkheid van één werkgever en één CAO.
  • De organisatie kan zelfstandig optreden als rechtspersoon, is dus onafhankelijk en kan slagvaardig eigen keuzes maken.

 

En nu de derde fase!

Iedereen is enthousiast over deze oplossing. En nu zitten we in de derde fase van de opdracht: het opstellen van een businesscase. Hoe ziet de organisatie er per 1 januari 2018 uit, wat is de weg hiernaartoe en welke kosten zijn daarmee gemoeid? In een volgende blog zal ik u bijpraten over wat we in deze fase hebben gedaan, welke keuzes we hebben gemaakt en hoe dat heeft uitgepakt.


Meer nieuws

Bouwen in Zuid-Holland

Geslaagde inspiratiesessie ‘matchen en mixen’

Verzorgd Wonen Nieuwegein